Wonen heet 住 . Links de mens, 亻; rechts 主 , dat de klank geeft. De oude vormen van 主 tekenen de vlam van een lamp, en sommigen lezen er ook het idee in van op zijn plaats blijven: de mens die ergens halt houdt ⟶ verblijven. De verklaring is mooi, maar ik heb niets om haar te bewijzen. De woning zelf is 房子 . In 房 stelt de radicaal 户 een deur met één vleugel voor, terwijl 门 er twee heeft (de traditionele vorm 門 laat dat nog beter zien). En 家 , het dak en het varken, heeft al zijn plaats op onze pagina De familie. Hier houden we ons bezig met de muren.
De traditionele huizen verschillen sterk naargelang het klimaat. In Peking is dat de 四合院 , letterlijk “de binnenplaats die aan vier kanten gesloten is” ⟶ vier gebouwen die uitkijken op een binnenhof, aan het eind van de 胡同 , de steegjes (zie onze pagina Peking). Op het lössplateau graaft men zich in de heuvel: de 窑洞 is koel in de zomer en mild in de winter. De Hakka van Fujian bouwden 土楼 , “gebouwen van aarde” ⟶ enorme ronde burchten waarin een hele clan woonde; in het Zuidwesten vind je 吊脚楼 , “gebouwen met hangende voeten”, dat wil zeggen op palen.
In de stad woont men daarentegen meestal in een 小区 , letterlijk “kleine wijk” ⟶ een afgesloten geheel van flatgebouwen, met hekken, een 保安 bij de ingang en een beheerbedrijf, de 物业 . Elk gebouw is verdeeld in 单元 , ingangen, zodat een adres op coördinaten lijkt: 5号楼2单元1301, gebouw 5, ingang 2, appartement 1301, dat wil zeggen deur 1 op de dertiende verdieping. Let op bij het tellen van de verdiepingen: 一楼 , “de eerste verdieping”, is de begane grond, en onze eerste verdieping is een 二楼 .
Nog een verrassing voor een Europeaan: een nieuw appartement wordt vaak verkocht als 毛坯房 , “ruwe woning” ⟶ kaal beton, zonder vloerbedekking of keuken. De koper zorgt zelf voor de verbouwing, de 装修 , en dat duurt maanden (de buren genieten mee van de boormachine, op de uren die het complex toestaat). Omgekeerd belooft een huuradvertentie graag 拎包入住 , letterlijk “binnenkomen met je tas in de hand” ⟶ alles is klaar, je hoeft alleen nog je koffers neer te zetten.
Bij het huren heb je te maken met een 房东 , de huisbaas, vaak via een 中介 , en de formule 押一付三 vat de voorwaarden samen: een maand borg, drie maanden huur vooruit. De 包租婆 , letterlijk “de vrouw die het hele pand huurt” ⟶ de hospita die onderverhuurt, dankt haar bekendheid aan de film Kung Fu Hustle van Stephen Chow (2004), waarin ze, met krulspelden in het haar en een sigaret tussen de lippen, heerst over een armzalig gebouw.
Wonen is ook een bron van zorgen. Wie een te zware 房贷 afbetaalt, noemt zich een 房奴 , “slaaf van de woning”. Een 学区房 , gelegen in het schooldistrict van een goede school, kost een fortuin per vierkante meter, omdat de inschrijving van het kind van het adres afhangt. En 蜗居 , “het slakkenhuis”, werd al uit bescheidenheid gebruikt voor het eigen huis; een televisieserie uit 2009 maakte er het symbool van de slecht behuisde jonge stedelingen van.
Er is ook een verwarmingsgrens. Ten noorden van een lijn die ongeveer het Qinlinggebergte en de rivier de Huai volgt, hebben de gebouwen 暖气 , centrale verwarming, die de stad op vaste data aan- en uitzet; in het zuiden niets, terwijl het er soms vriest. Mensen uit het Zuiden zeggen graag dat ze het in de winter thuis kouder hebben dan de inwoners van Harbin. Dat geloof ik best.
De huizen hebben hun sporen nagelaten in de taal. In de oude woning kwam de 堂 , de ontvangstzaal, uit op de binnenplaats, en lag de 室 , de kamer, erachter. Over een leerling die nog wat ruw is, zegt Confucius dat hij “tot in de zaal is gekomen, maar nog niet in de kamer”, vandaar 登堂入室 , het meesterschap bereiken. Couvreur vertaalt dat met “de tempel van de wijsheid” en “het heiligdom” (zie onze pagina Hoofdstuk 11 van de Gesprekken van Confucius): de betekenis blijft, maar het huis is verdwenen.
De zin die onze voorbeelden afsluit, komt uit een ander hoofdstuk. Confucius overweegt bij de barbaren van het Oosten te gaan wonen; men werpt tegen dat ze grof zijn. Hij antwoordt: “Als een wijs man te midden van hen woont, wat zal er dan nog grof aan hen zijn?” (onze pagina Hoofdstuk 9 van de Gesprekken van Confucius). Onder de Tang heeft de dichter 刘禹锡 daar zijn 陋室铭 aan ontleend, de “Inscriptie voor een nederige woning”, die juist op die woorden eindigt. Bij hem slaat 陋 op de woning; bij Couvreur zijn het de mensen die grof zijn. Het klassiek Chinees laat beide lezingen open.
Het internet, ten slotte, heeft het beeld overgenomen. Op een Chinees forum is de auteur van het eerste bericht de 楼主 , “de eigenaar van het gebouw”, en elk antwoord voegt een verdieping toe: men spreekt van de tweede, de derde verdieping van de discussie. Ieder zijn verdieping.
Klik op om het even welk karakter op deze pagina: de schrijfvolgorde verschijnt streek voor streek, met het pijltje dat de richting van de haal aangeeft.
Zo werkt deze pagina: elk woord draagt zijn niveau. ① het essentiële, ② het gangbare, ③ het precieze. Begin bij de ①: daarmee kun je al zeggen waar je woont en je woning beschrijven. De knop ▶ geeft de uitspraak, en een klik op een karakter opent de schrijfvolgorde.
Soorten woningen
het huis, de woning
wonen, verblijven
de slaapzaal, de studentenhuisvesting
het oude huis
het gebouw met verdiepingen
het gelijkvloerse huis
het appartement; de residentie (voor studenten, met service)
de villa, het vrijstaande huis
het huis met vierkante binnenplaats (Peking)
de woning, de huisvesting (administratieve term)
de grotwoning (lössplateau)
het versterkte ronde huis van de Hakka (Fujian)
het huis op palen (Zuidwesten)
de hut met rieten dak
De kamers
de kamer, het vertrek
de kamer (vooral in het Noorden)
de woonkamer, de zitkamer
de slaapkamer
de keuken (het vertrek)
de sanitaire ruimte, de wc
het toilet
het toilet (beleefde term)
het balkon
de studeerkamer
de eetkamer
de badkamer
de kinderkamer
de bergruimte, de rommelkamer
de hal, de vestibule
Deuren, muren en ramen
de deur
het raam
de sleutel
de muur
de vloer
het plafond
het dak
het slot; op slot doen
de deurbel
de centrale verwarming
de veiligheidsdeur (inbraakwerend)
de hor (voor het raam)
Een woning beschrijven
de oppervlakte
de vierkante meter
twee slaapkamers en een woonkamer
ruim
op het zuiden gelegen
afwerken, verbouwen; de verbouwing
de plattegrond (de indeling van de kamers)
de lichtinval (van een woning)
doorzon (van noord naar zuid)
de casco opgeleverde woning (zonder afwerking)
instapklaar (letterlijk “binnenkomen met je tas”)
Zoeken en huren
een woning zoeken
een woning huren
de huur
de huisbaas, de verhuurder
de huurder
verhuren; te huur
samen huren; het woningdelen
de hospita (die kamers onderverhuurt)
het makelaarskantoor, de makelaar
een woning bezichtigen
de borg, de waarborgsom
het huurcontract verlengen
een maand borg, drie maanden huur vooruit
Kopen en intrekken
een woning kopen
verhuizen
het nieuwe huis
de huizenprijzen
de bestaande woning (die al een eigenaar heeft gehad)
de rekeningen voor water en elektriciteit
de eigen inbreng (de eerste betaling)
de hypotheek
het eigendomsbewijs
de “slaaf van de woning” (gebukt onder zijn lening)
de woning in het schooldistrict van een goede school
een housewarming geven
Het flatgebouw
het flatgebouw; de verdieping
de begane grond (letterlijk “de eerste verdieping”)
een verdieping hoger, boven
een verdieping lager, beneden
de lift
de trap
de gang
de kelderverdieping, de kelder
de bovenste verdieping
het nummer (op de deur)
de ingang (het trappenhuis) van een flatgebouw
de woontoren (flatgebouw met veel verdiepingen)
Het wooncomplex en de buurt
het wooncomplex (afgesloten geheel van flats)
de bewaker, de beveiliger
het beheerbedrijf van het wooncomplex
de parkeerplaats
de buurt (als gemeenschap)
het steegje (in de oude wijken van Peking)
de servicekosten (voor het beheer)
de eigenaar (in een wooncomplex)
de toegangspas
het buurtcomité
de binnenplaats die meerdere gezinnen delen
het “dorp in de stad”
Het huis in uitdrukkingen en spreekwoorden
de grote gebouwen, de hoogbouw
met de deur in huis vallen (letterlijk “de deur openen en de berg zien”)
in vrede leven en met plezier werken
oost west, thuis best (letterlijk “een nest van goud of van zilver haalt het niet bij je eigen hondenhok”)
het is er een komen en gaan (letterlijk “het voorhof is een markt”)
bij een ander inwonen en van hem afhangen (letterlijk “onder de heg van een ander”)
niets anders hebben dan de vier muren
uw bezoek eert mijn nederige woning
in afzondering werken (letterlijk “achter gesloten deuren een wagen bouwen”)
de wolf in de schaapskooi binnenlaten
het meesterschap bereiken (letterlijk “de zaal betreden, de kamer binnengaan”)
een ongeluk komt zelden alleen (letterlijk “het dak lekt, en het regent de hele nacht”)
Het huis in alledaagse woorden
de deur uit gaan (van huis)
de ingang, voor de deur
het loket; het venster (op een scherm)
populair, in trek
speciaal; gespecialiseerd
tegen alle verwachting in
de drempel; het vereiste niveau
de auteur van het eerste bericht (op een forum)
de leek (letterlijk “de man buiten de deur”)
de huismus (die nooit de deur uit komt)
de draaikont (letterlijk “het gras boven op de muur”)
krap behuisd zijn (letterlijk “het slakkenhuis”)
Voorbeeldzinnen
Waar woon je? Ik woon in de studentenflat van de school.
Bij mij thuis zijn er drie kamers: een woonkamer en twee slaapkamers.
Pardon, waar is het toilet?
Ik ben mijn sleutels vergeten, ik kan niet naar binnen.
Deze woning is groot, en de huur is niet duur.
Volgende maand verhuizen we.
Hij woont een verdieping hoger, ik een verdieping lager.
De lift is kapot: laten we de trap nemen.
Ik woon op de begane grond, ik hoef de lift niet te nemen.
Samen met een vriend huur ik een appartement met twee slaapkamers en een woonkamer.
Dit appartement ligt op het zuiden: in de winter is het er lekker warm.
In het Noorden hebben de woningen centrale verwarming; in het Zuiden meestal niet.
Als je een woning huurt, moet je eerst een maand borg betalen.
De makelaar heeft ons drie appartementen laten zien.
Dit appartement is honderd vierkante meter groot, en het is mooi afgewerkt.
De bewaker van ons wooncomplex kent elke eigenaar.
De laatste jaren zijn de huizenprijzen veel te snel gestegen.
Vroeger woonden de oude Pekingers in huizen met een vierkante binnenplaats, diep in de steegjes.
Wie in Peking een woning koopt, is alleen al aan eigen inbreng miljoenen yuan kwijt.
Om dicht bij een goede school te wonen, hebben ze hun grote huis verkocht en zijn ze in een klein appartement getrokken.
Elke maand gaat de helft van zijn salaris naar zijn hypotheek: hij is een “slaaf van de woning” geworden.
Ik hoor dat je in je nieuwe huis bent getrokken: van harte gefeliciteerd!
Hoe mooi je elders ook woont: oost west, thuis best.
Een grotwoning is warm in de winter en koel in de zomer: je woont er heel prettig.
Als een wijs man te midden van hen woont, wat zal er dan nog grof aan hen zijn?


