De Klassieker van de Noordelijke Bergen (北山经 Běishānjīng) is het derde boek van de Klassieker van Bergen en Zeeën. Hij doorloopt, van zuid naar noord, drie dorre en koude bergketens, bevolkt door mineralen, voorteken-beesten en wonderlijke vogels, en sluit elke keten af met de rite die haar goden toekomt. Men leest hier met name de mythe van de vogel Jingwei. De Chinese tekst wordt gegeven met zijn pinyin-transcriptie, gevolgd door de Nederlandse vertaling en aantekeningen.
Eerste Noordelijke Klassieker — 北山经
《北山經》之首,曰單狐之山,多机木,其上多華草。漨水出焉,而西流注于泑水,其中多芘石文石。
De Klassieker van de Noordelijke Bergen. De eerste berg heet berg Danhu (單狐). Hij is rijk aan ji-bomen (机); zijn top is rijk aan hua-gras (華草). De Feng-rivier (漨水) ontspringt eraan en stroomt westwaarts om in de You (泑水) uit te monden; zij is rijk aan bi-steen (芘石) en geaderde stenen (wenshi 文石).
又北二百五十里,曰求如之山,其上多銅,其下多玉,無草木。滑水出焉,而西流注于諸毗之水。其中多滑魚,其狀如鱓,赤背,其音如梧,食之已疣。其中多水馬,其狀如馬,文臂牛尾,其音如呼。
Tweehonderdvijftig li noordelijker ligt berg Qiuru (求如). Zijn top is rijk aan koper, zijn voet aan jade; hij is zonder gras en bomen. De Hua-rivier (滑水) ontspringt eraan en stroomt westwaarts om in de Zhubi (諸毗水) uit te monden. Zij is rijk aan gu-vissen (滑魚), gelijkend op de paling (shan 鱓), met rode rug, wier kreet als het wu (梧) is; wie ervan eet, geneest van wratten. Zij is ook rijk aan «watermerries» (shuima 水馬), gelijkend op het paard, met gevlekte voorbenen en een ossenstaart, wier kreet als een roep is.
又北三百里,曰帶山,其上多玉,其下多青碧。有獸焉,其狀如馬,一角有錯,其名曰䑏䟽,可以辟火。有鳥焉,其狀如烏,五彩而赤文,名曰鵸鵌,是自為牝牡,食之不疽。彭水出焉,而西流注于芘湖之水,其中多儵魚,其狀如鷄而赤毛,三尾、六足、四首,其音如鵲,食之可以已憂。
Driehonderd li noordelijker ligt berg Dai (帶山). Zijn top is rijk aan jade, zijn voet aan groene jaspis (qingbi 青碧). Daar leeft een beest gelijkend op het paard, met één gestreepte horen, genaamd kuishu (䑏䟽); het beschermt tegen vuur. Daar leeft een vogel gelijkend op de raaf, met vijf kleuren en rode tekeningen, genaamd qiyu (鵸鵌); hij is tegelijk mannelijk en vrouwelijk; wie ervan eet, heeft geen abcessen. De Peng-rivier (彭水) ontspringt eraan en stroomt westwaarts om in de Bihu (芘湖水) uit te monden; zij is rijk aan shu-vissen (儵魚), gelijkend op de haan maar met rode veren, met drie staarten, zes poten en vier koppen, wier kreet als die van de ekster is; wie ervan eet, verdrijft zijn verdriet.
又北四百里,曰譙明之山,譙水出焉,西流注于河。其中多何羅之魚,一首而十身,其音如吠犬,食之已癰。有獸焉,其狀如貆而赤豪,其音如榴榴,名曰孟槐,可以禦凶。是山也,無草木,多青雄黃。
Vierhonderd li noordelijker ligt berg Qiaoming (譙明). De Qiao-rivier (譙水) ontspringt eraan en stroomt westwaarts om in de Rivier uit te monden. Zij is rijk aan heluo-vissen (何羅), met één kop en tien lijven, wier kreet als het blaffen van de hond is; wie ervan eet, geneest van abcessen. Daar leeft een beest gelijkend op het stekelvarken (huan 貆) maar met wit haar, wiens kreet als die van een big is; het eet graag mensen; het heet mengkui (孟槐); het kan onheil afweren.
又北三百五十里,曰涿光之山,囂水出焉,而西流注于河。其中多鰼鰼之魚,其狀如鵲而十翼,鱗皆在羽端,其音如鵲,可以禦火,食之不癉。其上多松柏,其下多椶橿,其獸多麢羊,其鳥多蕃。
Driehonderdvijftig li noordelijker ligt berg Zhuoguang (涿光). De Xiao-rivier (囂水) ontspringt eraan en stroomt westwaarts om in de Rivier uit te monden. Zij is rijk aan xixi-vissen (鰼鰼), gelijkend op de ekster maar met tien vleugels, wier schubben alle aan de veertoppen zitten, en wier kreet als die van de ekster is; zij beschermen tegen vuur, en wie ervan eet, heeft geen koorts. Zijn top is rijk aan dennen en cipressen, zijn voet aan palmen (zong 椶) en jiang (橿); zijn beesten zijn vooral gorals (lingyang 麢羊), zijn vogels vooral fan (蕃).
又北三百八十里,曰虢山,其上多漆,其下多桐椐,其陽多玉,其陰多鐵。伊水出焉,西流注于河。其獸多橐駝,其鳥多寓,狀如鼠而鳥翼,其音如羊,可以禦兵。
Driehonderdtachtig li noordelijker ligt berg Guo (虢山). Zijn top is rijk aan lakbomen, zijn voet aan paulownia's (tong 桐) en ju (椐); zijn zuidhelling aan jade, zijn noordhelling aan ijzer. De Yi-rivier (伊水) ontspringt eraan en stroomt westwaarts om in de Rivier uit te monden. Zijn beesten zijn vooral kamelen (tuotuo 橐駝), zijn vogels vooral yu (寓), gelijkend op de rat maar met vogelvleugels, wier kreet als die van het schaap is; zij beschermen tegen wapens.
又北四百里,至于虢山之尾,其上多玉而無石。魚水出焉,而西流注于河,其中多文貝。
Vierhonderd li noordelijker bereikt men het uiterste eind van berg Guo. Zijn top is rijk aan jade en zonder steen. De Yu-rivier (魚水) ontspringt eraan en stroomt westwaarts om in de Rivier uit te monden; zij is rijk aan gevlekte schelpen.
又北二百里,曰丹熏之山,其上多樗柏,其草多韭薤,多丹雘。熏水出焉,而西流注于棠水。有獸焉,其狀如鼠,而菟首麋身,其音如獋犬,以其尾飛,名曰耳鼠,食之不䐆,又可以禦百毒。
Tweehonderd li noordelijker ligt berg Danxun (丹熏). Zijn top is rijk aan hemelbomen (chu 樗) en cipressen; zijn kruiden vooral bieslook (jiu 韭) en knoflook (xie 薤); hij is rijk aan cinaber (danhuo 丹雘). De Xun-rivier (熏水) ontspringt eraan en stroomt westwaarts om in de Tang (棠水) uit te monden. Daar leeft een beest gelijkend op de rat, met een hazenkop en een lijf van het davidshert, wiens kreet als het blaffen van een oude hond is, en dat vliegt met behulp van zijn staart; het heet ershu (耳鼠); wie ervan eet, heeft geen opgezette buik, en het beschermt tegen alle vergiften.
又北二百八十里,曰石者之山,其上無草木,多瑤碧。泚水出焉,而西流注于河,有獸焉,其狀如豹,而文題白身,名曰孟極,是善伏,其鳴自呼。
Tweehonderdtachtig li noordelijker ligt berg Shizhe (石者). Zijn top is zonder gras en bomen, rijk aan yao-jade (瑤) en jaspis. De Ci-rivier (泚水) ontspringt eraan en stroomt westwaarts om in de Rivier uit te monden. Daar leeft een beest gelijkend op de panter, met gevlekt voorhoofd en wit lijf, genaamd mengji (孟極); het is bedreven in het zich verbergen; zijn kreet noemt zijn eigen naam.
又北百一十里,曰邊春之山,多葱、葵、韭、桃、李。杠水出焉,而西流注于泑澤。有獸焉,其狀如禺而文身,善笑,見人則臥,名曰幽鴳,其鳴自呼。
Honderdtien li noordelijker ligt berg Bianchun (邊春). Hij is rijk aan bieslook, kaasjeskruid, knoflook, perziken en pruimen. De Gang-rivier (杠水) ontspringt eraan en stroomt westwaarts om in het moeras You (泑澤) uit te monden. Daar leeft een beest gelijkend op de aap maar met gevlekt lijf, dat graag lacht en gaat liggen bij het zien van mensen, genaamd youyan (幽鴳); zijn kreet noemt zijn eigen naam.
又北二百里,曰蔓聯之山,其上無草木。有獸焉,其狀如禺而有鬣,牛尾、文臂、馬蹄,見人則呼,名曰足訾,其鳴自呼。有鳥焉,群居而朋飛,其毛如雌雉,名曰鵁,其名自呼,食之已風。
Tweehonderd li noordelijker ligt berg Manlian (蔓聯), wiens top zonder gras en bomen is. Daar leeft een beest gelijkend op de aap maar voorzien van een manen, met ossenstaart, gevlekte voorbenen en paardenhoeven, dat schreeuwt bij het zien van mensen, genaamd zuzi (足訾); zijn kreet noemt zijn eigen naam. Daar leeft een vogel die in zwermen leeft en in troepen vliegt, met het verenkleed van de hen-fazant, genaamd jiao (鵁); zijn kreet noemt zijn eigen naam; wie ervan eet, geneest van kwalen door de wind veroorzaakt.
又北百八十里,曰單張之山,其上無草木。有獸焉,其狀如豹而長尾,人首而牛耳,一目,名曰諸犍,善吒,行則衘其尾,居則蟠其尾。有鳥焉,其狀如雉,而文首、白翼、黃足,名曰白鵺,食之已嗌痛,可以已痸。櫟水出焉,而南流注于杠水。
Honderdtachtig li noordelijker ligt berg Danzhang (單張), wiens top zonder gras en bomen is. Daar leeft een beest gelijkend op de panter maar met lange staart, mensenkop en ossenoren, met één oog, genaamd zhujian (諸犍); het slaakt grote kreten, houdt zijn staart in de bek bij het lopen en rolt hem op in rust. Daar leeft een vogel gelijkend op de fazant, met gevlekte kop, witte vleugels en gele poten, genaamd baiye (白鵺); wie ervan eet, geneest van keelpijn en stuipen. De Li-rivier (櫟水) ontspringt eraan en stroomt zuidwaarts om in de Gang (杠水) uit te monden.
又北三百二十里,曰灌題之山,其上多樗柘,其下多流沙,多砥。有獸焉,其狀如牛而白尾,其音如訆,名曰那父。有鳥焉,其狀如雌雉而人面,見人則躍,名曰竦斯,其鳴自呼也。匠韓之水出焉,而西流注于泑澤,其中多磁石。
Driehonderdtwintig li noordelijker ligt berg Guanti (灌題). Zijn top is rijk aan hemelbomen (chu 樗) en verversmoerbeien (zhe 柘), zijn voet aan drijfzand en slijpsteen (di 砥). Daar leeft een beest gelijkend op de os maar met witte staart, wiens kreet «jiao» is, genaamd nafu (那父). Daar leeft een vogel gelijkend op de hen-fazant maar met mensengezicht, die opspringt bij het zien van mensen, genaamd songsi (竦斯); zijn kreet noemt zijn eigen naam. De Jianghan-rivier (匠韓水) ontspringt eraan en stroomt westwaarts om in het moeras You uit te monden; zij is rijk aan magnetiet (cishi 磁石).
又北二百里,曰潘侯之山,其上多松柏,其下多榛楛,其陽多玉,其陰多鐵。有獸焉,其狀如牛,而四節生毛,名曰旄牛。邊水出焉,而南流注于櫟澤。
Tweehonderd li noordelijker ligt berg Panhou (潘侯). Zijn top is rijk aan dennen en cipressen, zijn voet aan hazelaars (zhen 榛) en hu (楛); zijn zuidhelling aan jade, zijn noordhelling aan ijzer. Daar leeft een beest gelijkend op de os, wiens vier ledematen haren dragen, genaamd maoniu (旄牛, jak). De Bian-rivier (邊水) ontspringt eraan en stroomt zuidwaarts om in het moeras Li (櫟澤) uit te monden.
又北二百三十里,曰小咸之山,無草木,冬夏有雪。
Tweehonderddertig li noordelijker ligt berg Xiaoxian (小咸), zonder gras en bomen, winter en zomer met sneeuw bedekt.
北二百八十里,曰大咸之山,無草木,其下多玉。是山也,四方,不可以上。有蛇名曰長蛇,其毛如彘豪,其音如鼓柝。
Tweehonderdtachtig li noordwaarts ligt berg Daxian (大咸), zonder gras en bomen; zijn voet is rijk aan jade. Deze berg is vierkant en kan niet beklommen worden. Daar leeft een slang genaamd changshe (長蛇), met borstels gelijk aan die van het varken, wier geluid als de ratel van de nachtwaker is.
又北三百二十里,曰敦薨之山,其上多椶柟,其下多茈草。敦薨之水出焉,而西流注于泑澤。出于崑崙之東北隅,實惟河源。其中多赤鮭,其獸多兕、旄牛,其鳥多鳲鳩。
Driehonderdtwintig li noordelijker ligt berg Dunhong (敦薨). Zijn top is rijk aan palmen en nanmu, zijn voet aan zi-gras (茈草). De Dunhong-rivier (敦薨水) ontspringt eraan en stroomt westwaarts om in het moeras You uit te monden. Zij komt uit de noordoostelijke hoek van de Kunlun: zij is de ware bron van de Rivier. Zij is rijk aan rode zalm (chigui 赤鮭); haar beesten zijn vooral wilde buffels en jakken, haar vogels vooral koekoeken (shijiu 鳲鳩).
又北二百里,曰少咸之山,無草木,多青碧。有獸焉,其狀如牛,而赤身、人面、馬足,名曰窫窳,其音如嬰兒,是食人。敦水出焉,東流注于鴈門之水,其中多䰽䰽之魚,食之殺人。
Tweehonderd li noordelijker ligt berg Shaoxian (少咸), zonder gras en bomen, rijk aan groene jaspis. Daar leeft een beest gelijkend op de os, met rood lijf, mensengezicht en paardenpoten, genaamd yayu (窫窳), wiens kreet als die van een zuigeling is; het verslindt mensen. De Dun-rivier (敦水) ontspringt eraan en stroomt oostwaarts om in de Yanmen (鴈門水) uit te monden; zij is rijk aan huanhuan-vissen (䰽䰽), wier vlees doodt wie ervan eet.
又北二百里,曰獄法之山,瀤澤之水出焉,而東北流注于泰澤。其中多䲃魚,其狀如鯉而雞足,食之已疣。有獸焉,其狀如犬而人面,善投,見人則笑,其名山𤟤,其行如風,見則天下大風。
Tweehonderd li noordelijker ligt berg Yufa (獄法). De rivier van het moeras Huai (瀤澤水) ontspringt eraan en stroomt noordoostwaarts om in het moeras Tai (泰澤) uit te monden. Zij is rijk aan ji-vissen (䲃魚), gelijkend op de karper maar met hanenpoten; wie ervan eet, geneest van wratten. Daar leeft een beest gelijkend op de hond maar met mensengezicht, bedreven in het werpen, dat lacht bij het zien van mensen, genaamd shanhui (山𤟤); het loopt als de wind; wanneer het verschijnt, kent het rijk grote winden.
又北一百里,曰北嶽之山,多枳棘剛木。有獸焉,其狀如牛而四角,人目、彘耳,其名曰諸懷,其音如鳴鴈,是食人。諸懷之水出焉,而西流注于囂水,其中多鮨魚,魚身而犬首,其音如嬰兒,食之已狂。
Honderd li noordelijker ligt berg Beiyue (北嶽), rijk aan doornige citroenen (zhiji 枳棘) en hardhout (gangmu 剛木). Daar leeft een beest gelijkend op de os, met vier horens, mensenogen en varkensoren, genaamd zhuhuai (諸懷), wiens kreet als die van de gans is; het verslindt mensen. De Zhuhuai-rivier (諸懷水) ontspringt eraan en stroomt westwaarts om in de Xiao (囂水) uit te monden; zij is rijk aan yi-vissen (鮨魚), met vislijf en hondenkop, wier kreet als die van een zuigeling is; wie ervan eet, geneest van waanzin.
又北百八十里,曰渾夕之山,無草木,多銅玉。囂水出焉,而西北流注于海。有蛇一首兩身,名曰肥遺,見則其國大旱。
Honderdtachtig li noordelijker ligt berg Hunxi (渾夕), zonder gras en bomen, rijk aan koper en jade. De Xiao-rivier (囂水) ontspringt eraan en stroomt noordwestwaarts om in de zee uit te monden. Daar leeft een slang met één kop en twee lijven, genaamd feiyi (肥遺); wanneer zij verschijnt, kent het land een grote droogte.
又北五十里,曰北單之山,無草木,多葱韭。
Vijftig li noordelijker ligt berg Beidan (北單), zonder gras en bomen, rijk aan bieslook en knoflook.
又北百里,曰羆差之山,無草木,多馬。
Honderd li noordelijker ligt berg Picha (羆差), zonder gras en bomen, rijk aan paarden.
又北百八十里,曰北鮮之山,是多馬。鮮水出焉,而西北流注于涂吾之水。
Honderdtachtig li noordelijker ligt berg Beixian (北鮮), rijk aan paarden. De Xian-rivier (鮮水) ontspringt eraan en stroomt noordwestwaarts om in de Tuwu (涂吾水) uit te monden.
又北百七十里,曰隄山,多馬。有獸焉,其狀如豹而文首,名曰狕。隄水出焉,而東流注于泰澤,其中多龍龜。
Honderdzeventig li noordelijker ligt berg Di (隄山), rijk aan paarden. Daar leeft een beest gelijkend op de panter maar met gevlekte kop, genaamd yao (狕). De Di-rivier (隄水) ontspringt eraan en stroomt oostwaarts om in het moeras Tai uit te monden; zij is rijk aan draakschildpadden (longgui 龍龜).
凡《北山經》之首,自單狐之山至于隄山,凡二十五山,五千四百九十里,其神皆人面蛇身。其祠之,毛用一雄鷄彘瘞,吉玉用一珪,瘞而不糈。其山北人,皆生食不火之物。
Alles bijeen, van berg Danhu tot berg Di, telt de eerste keten van de Noordelijke Klassieker vijfentwintig bergen, over vijfduizend vierhonderdnegentig li. Hun goden hebben alle een mensengezicht en een slangenlijf. Voor hun cultus begraaft men een haan en een varken, gebruikt men een plaat van gunstige jade (gui 珪), die men zonder heilig graan begraaft. De lieden ten noorden van deze bergen eten allen rauw, zonder vuur.
Tweede Noordelijke Klassieker — 北次二经
北次二經之首,在河之東,其首枕汾,其名曰管涔之山。其上無木而多草,其下多玉。汾水出焉,而西流注于河。
De eerste berg van de Tweede Noordelijke Klassieker ligt ten oosten van de Rivier, met zijn hoofd rustend op de Fen (汾); hij heet berg Guancen (管涔). Zijn top is zonder bomen maar rijk aan gras, zijn voet aan jade. De Fen-rivier (汾水) ontspringt eraan en stroomt westwaarts om in de Rivier uit te monden.
又西二百五十里,曰少陽之山,其上多玉,其下多赤銀。酸水出焉,而東流注于汾水,其中多美赭。
Tweehonderdvijftig li westwaarts ligt berg Shaoyang (少陽). Zijn top is rijk aan jade, zijn voet aan rood zilver (chiyin 赤銀). De Suan-rivier (酸水) ontspringt eraan en stroomt oostwaarts om in de Fen uit te monden; zij is rijk aan schone oker (zhe 赭).
又北五十里,曰縣雍之山,其上多玉,其下多銅,其獸多閭麋,其鳥多白翟白䳑,晉水出焉,而東南流注于汾水。其中多鮆魚,其狀如鯈而赤鱗,其音如叱,食之不驕。
Vijftig li noordelijker ligt berg Xuanyong (縣雍). Zijn top is rijk aan jade, zijn voet aan koper; zijn beesten zijn vooral lümi-herten (閭麋), zijn vogels vooral witte di (baidi 白翟) en baiji (白䳑). De Jin-rivier (晉水) ontspringt eraan en stroomt zuidoostwaarts om in de Fen uit te monden. Zij is rijk aan ji-vissen (鮆魚), gelijkend op de tiao (鯈) maar met rode schubben, wier kreet als een berisping is; wie ervan eet, wordt niet hoogmoedig.
又北二百里,曰狐岐之山,無草木,多青碧。勝水出焉,而東北流注于汾水,其中多蒼玉。
Tweehonderd li noordelijker ligt berg Huqi (狐岐), zonder gras en bomen, rijk aan groene jaspis. De Sheng-rivier (勝水) ontspringt eraan en stroomt noordoostwaarts om in de Fen uit te monden; zij is rijk aan donkergroene jade (cangyu 蒼玉).
又北三百五十里,曰白沙山,廣員三百里,盡沙也,無草木鳥獸。鮪水出于其上,潛于其下,是多白玉。
Driehonderdvijftig li noordelijker ligt berg Baisha (白沙), driehonderd li in omtrek, geheel van zand, zonder gras, boom, vogel noch beest. De Wei-rivier (鮪水) ontspringt aan zijn top en verzinkt aan zijn voet; zij is rijk aan witte jade.
又北四百里,曰爾是之山,無草木,無水。
Vierhonderd li noordelijker ligt berg Ershi (爾是), zonder gras en bomen, en zonder water.
又北三百八十里,曰狂山,無草木。是山也,冬夏有雪。狂水出焉,而西流注于浮水,其中多美玉。
Driehonderdtachtig li noordelijker ligt berg Kuang (狂山), zonder gras en bomen. Deze berg is winter en zomer besneeuwd. De Kuang-rivier (狂水) ontspringt eraan en stroomt westwaarts om in de Fu (浮水) uit te monden; zij is rijk aan schone jade.
又北三百八十里,曰諸餘之山,其上多銅玉,其下多松柏。諸餘之水出焉,而東流注于旄水。
Driehonderdtachtig li noordelijker ligt berg Zhuyu (諸餘). Zijn top is rijk aan koper en jade, zijn voet aan dennen en cipressen. De Zhuyu-rivier (諸餘水) ontspringt eraan en stroomt oostwaarts om in de Mao (旄水) uit te monden.
又北三百五十里,曰敦頭之山,其上多金玉,無草木。旄水出焉,而東流注于印澤,其中多𩣡馬,牛尾而白身,一角其音如呼。
Driehonderdvijftig li noordelijker ligt berg Duntou (敦頭). Zijn top is rijk aan goud en jade; hij is zonder gras en bomen. De Mao-rivier (旄水) ontspringt eraan en stroomt oostwaarts om in het moeras Yin (印澤) uit te monden; zij is rijk aan huang-paarden (𩣡馬), met ossenstaart en wit lijf, met één horen, wier kreet als een roep is.
又北三百五十里,曰鉤吾之山,其上多玉,其下多銅。有獸焉,其狀如羊身人面,其目在腋下,虎齒人爪,其音如嬰兒,名曰狍鴞,是食人。
Driehonderdvijftig li noordelijker ligt berg Gouwu (鉤吾). Zijn top is rijk aan jade, zijn voet aan koper. Daar leeft een beest met schapenlijf en mensengezicht, de ogen onder de oksels, met tijgertanden en mensennagels, wiens kreet als die van een zuigeling is, genaamd paoxiao (狍鴞); het verslindt mensen.
又北三百里,曰北囂之山,無石,其陽多碧,其陰多玉。有獸焉,其狀如虎,而白身犬首,馬尾彘鬣,名曰獨𤞞。有鳥焉,其狀如烏,人面,名曰𪄀𪃑,宵飛而晝伏,食之已暍。涔水出焉,而東流注于卭澤。
Driehonderd li noordelijker ligt berg Beixiao (北囂), zonder steen; zijn zuidhelling is rijk aan jaspis, zijn noordhelling aan jade. Daar leeft een beest gelijkend op de tijger, met wit lijf en hondenkop, paardenstaart en varkensmanen, genaamd dubo (獨𤞞). Daar leeft een vogel gelijkend op de raaf, met mensengezicht, genaamd huihui (𪄀𪃑), die bij nacht vliegt en overdag schuilt; wie ervan eet, geneest van zonnesteek. De Cen-rivier (涔水) ontspringt eraan en stroomt oostwaarts om in het moeras Qiong (卭澤) uit te monden.
又北三百五十里,曰梁渠之山,無草木,多金玉。脩水出焉,而東流注于鴈門,其獸多居暨,其狀如彙而赤毛,其音如豚,有鳥焉,其狀如夸父,四翼、一目、犬尾,名曰囂,其音如鵲,食之已腹痛,可以止衕。
Driehonderdvijftig li noordelijker ligt berg Liangqu (梁渠), zonder gras en bomen, rijk aan goud en jade. De Xiu-rivier (脩水) ontspringt eraan en stroomt oostwaarts om in de Yanmen uit te monden. Zijn beesten zijn vooral juji (居暨), gelijkend op de egel maar met rood haar, wier kreet als die van de big is. Daar leeft een vogel gelijkend op Kuafu (夸父), met vier vleugels, één oog en hondenstaart, genaamd xiao (囂), wiens kreet als die van de ekster is; wie ervan eet, geneest van buikpijn en de diarree houdt op.
又北四百里,曰姑灌之山,無草木,是山也,冬夏有雪。
Vierhonderd li noordelijker ligt berg Guguan (姑灌), zonder gras en bomen; deze berg is winter en zomer besneeuwd.
又北三百八十里,曰湖灌之山,其陽多玉,其陰多碧,多馬。湖灌之水出焉,而東流注于海,其中多䱇。有木焉,其葉如柳而赤理。
Driehonderdtachtig li noordelijker ligt berg Huguan (湖灌). Zijn zuidhelling is rijk aan jade, zijn noordhelling aan jaspis; hij is rijk aan paarden. De Huguan-rivier (湖灌水) ontspringt eraan en stroomt oostwaarts om in de zee uit te monden; zij is rijk aan palingen (shan 䱇). Daar staat een boom met wilgenbladeren, rood geaderd.
又北水行五百里,流沙三百里,至于洹山,其上多金玉。三桑生之,其樹皆無枝,其高百仞。百果樹生之,其下多怪蛇。
Vijfhonderd li noordelijker over water, dan driehonderd li drijfzand, bereikt men berg Huan (洹山). Zijn top is rijk aan goud en jade. Drie moerbeibomen (sansang 三桑) groeien er, alle zonder takken, honderd ren hoog. Ook de boom der honderd vruchten groeit er; aan zijn voet wemelt het van vreemde slangen.
又北三百里,曰敦題之山,無草木,多金玉。是錞于北海。
Driehonderd li noordelijker ligt berg Duntu (敦題), zonder gras en bomen, rijk aan goud en jade. Hij leunt tegen de noordelijke zee.
凡《北次二經》之首,自管涔之山至于敦題之山,凡十七山,五千六百九十里。其神皆蛇身人面。其祠:毛用一雄雞彘瘞;用一璧一珪,投而不糈。
Alles bijeen, van berg Guancen tot berg Duntu, telt de Tweede Noordelijke Klassieker zeventien bergen, over vijfduizend zeshonderdnegentig li. Hun goden hebben alle een slangenlijf en een mensengezicht. Voor hun cultus: men begraaft een haan en een varken; men gebruikt een jadeschijf (bi 璧) en een plaat (gui 珪), die men in het water werpt, zonder heilig graan.
Derde Noordelijke Klassieker — 北次三经
《北次三經》之首曰太行之山。其首曰歸山,其上有金玉,其下有碧。有獸焉,其狀如麢羊而四角,馬尾而有距,其名曰䮝,善還,其鳴自䚯。有鳥焉,其狀如鵲,白身、赤尾、六足,其名曰䴅,是善驚,其鳴自詨。
De eerste berg van de Derde Noordelijke Klassieker heet berg Taihang (太行). Zijn hoofd is berg Gui (歸山): zijn top bevat goud en jade, zijn voet jaspis. Daar leeft een beest gelijkend op de goral maar met vier horens, paardenstaart en voorzien van sporen, genaamd jue (䮝); het draait graag om zichzelf, en zijn kreet noemt zijn eigen naam. Daar leeft een vogel gelijkend op de ekster, met wit lijf, rode staart en zes poten, genaamd xie (䴅); hij schrikt makkelijk, en zijn kreet noemt zijn eigen naam.
又東北二百里,曰龍侯之山,無草木,多金玉。決決之水出焉,而東流注于河。其中多人魚,其狀如䱱魚,四足,其音如嬰兒,食之無癡疾。
Tweehonderd li noordoostelijker ligt berg Longhou (龍侯), zonder gras en bomen, rijk aan goud en jade. De Juejue-rivier (決決水) ontspringt eraan en stroomt oostwaarts om in de Rivier uit te monden. Zij is rijk aan «mens-vissen» (renyu 人魚, salamanders), gelijkend op de ti-vis (䱱魚), met vier poten, wier kreet als die van een zuigeling is; wie ervan eet, lijdt niet aan dementie.
又東北二百里,曰馬成之山,其上多文石,其陰多金玉。有獸焉,其狀如白犬而黑頭,見人則飛,其名曰天馬,其鳴自䚯。有鳥焉,其狀如烏,首白而身青、足黃,是名曰鶌鶋,其鳴自詨,食之不飢,可以已寓。
Tweehonderd li noordoostelijker ligt berg Macheng (馬成). Zijn top is rijk aan gevlekte stenen, zijn noordhelling aan goud en jade. Daar leeft een beest gelijkend op een witte hond met zwarte kop, dat vliegt bij het zien van mensen, genaamd tianma (天馬, hemelpaard); zijn kreet noemt zijn eigen naam. Daar leeft een vogel gelijkend op de raaf, met witte kop, blauwgroen lijf en gele poten, genaamd quju (鶌鶋); zijn kreet noemt zijn eigen naam; wie ervan eet, heeft geen honger en geneest van gezwellen.
又東北七十里,曰咸山,其上有玉,其下多銅,是多松柏,草多茈草。條菅之水出焉,而西南流注于長澤。其中多器酸,三歲一成,食之已癘。
Zeventig li noordoostelijker ligt berg Xian (咸山). Zijn top bevat jade, zijn voet is rijk aan koper; hij is rijk aan dennen en cipressen, en zijn kruiden vooral aan zi-gras (茈草). De Tiaojian-rivier (條菅水) ontspringt eraan en stroomt zuidwestwaarts om in het moeras Chang (長澤) uit te monden. Zij is rijk aan qisuan (器酸), die eenmaal in de drie jaar rijpen; wie ervan eet, geneest van melaatsheid.
又東北二百里,曰天池之山,其上無草木,多文石。有獸焉,其狀如兔而鼠首,以其背飛,其名曰飛鼠。澠水出焉,潛于其下,其中多黃堊。
Tweehonderd li noordoostelijker ligt berg Tianchi (天池). Zijn top is zonder gras en bomen, rijk aan gevlekte stenen. Daar leeft een beest gelijkend op de haas maar met rattenkop, dat op zijn rug vliegt, genaamd feishu (飛鼠); de Mian-rivier (澠水) ontspringt eraan en verzinkt aan zijn voet; zij is rijk aan gele krijt (huang'e 黃堊).
又東三百里,曰陽山,其上多玉,其下多金銅。有獸焉,其狀如牛而赤尾,其頸𦜜,其狀如勾瞿,其名曰領胡,其鳴自詨,食之已狂。有鳥焉,其狀如雌雉,而五彩以文,是自為牝牡,名曰象蛇,其鳴自詨。留水出焉,而南流注于河。其中有䱤父之魚,其狀如鮒魚,魚首而彘身,食之已嘔。
Driehonderd li oostelijker ligt berg Yang (陽山). Zijn top is rijk aan jade, zijn voet aan goud en koper. Daar leeft een beest gelijkend op de os maar met rode staart, met gezwollen nek gelijk de gouqu (勾瞿), genaamd linghu (領胡), wiens kreet zijn eigen naam noemt; wie ervan eet, geneest van waanzin. Daar leeft een vogel gelijkend op de hen-fazant, met vijf kleuren getooid met tekeningen, tegelijk mannelijk en vrouwelijk, genaamd xiangshe (象蛇); zijn kreet noemt zijn eigen naam. De Liu-rivier (留水) ontspringt eraan en stroomt zuidwaarts om in de Rivier uit te monden. Daar leeft de fufu-vis (䱤父), gelijkend op de brasem, met viskop en varkenslijf; wie ervan eet, geneest van braken.
又東三百五十里,曰賁聞之山,其上多蒼玉,其下多黃堊,多涅石。
Driehonderdvijftig li oostelijker ligt berg Benwen (賁聞). Zijn top is rijk aan donkergroene jade (cangyu 蒼玉), zijn voet aan gele krijt en zwarte aluin (nieshi 涅石).
又北百里,曰王屋之山,是多石。㶌水出焉,而西北流注于泰澤。
Honderd li noordelijker ligt berg Wangwu (王屋), rijk aan stenen. De Hui-rivier (㶌水) ontspringt eraan en stroomt noordwestwaarts om in het moeras Tai uit te monden.
又東北三百里,曰教山,其上多玉而無石。教水出焉,西流注于河,是水冬乾而夏流,實惟乾河。其中有兩山,是山也,廣員三百步,其名曰發丸之山,其上有金玉。
Driehonderd li noordoostelijker ligt berg Jiao (教山). Zijn top is rijk aan jade en zonder steen. De Jiao-rivier (教水) ontspringt eraan en stroomt westwaarts om in de Rivier uit te monden; deze rivier is droog in de winter en stroomt in de zomer: het is waarlijk een «droge rivier». In haar midden verrijzen twee heuveltjes, driehonderd passen in omtrek, genaamd de Fawan-bergen (發丸); hun top bevat goud en jade.
又南三百里,曰景山,南望鹽販之澤,北望少澤,其上多草、藷藇,其草多秦椒,其陰多赭,其陽多玉。有鳥焉,其狀如蛇,而四翼、六目、三足,名曰酸與,其鳴自詨,見則其邑有恐。
Driehonderd li zuidelijker ligt berg Jing (景山). Naar het zuiden kijkt hij naar het moeras der zouthandelaren (Yanfan 鹽販), naar het noorden naar het moeras Shao (少澤). Zijn top is rijk aan kruiden en zoete aardappelen (shuxu 藷藇), zijn kruiden vooral aan Sichuanpeper (qinjiao 秦椒); zijn noordhelling aan oker, zijn zuidhelling aan jade. Daar leeft een vogel gelijkend op de slang, met vier vleugels, zes ogen en drie poten, genaamd suanyu (酸與); zijn kreet noemt zijn eigen naam; wanneer hij verschijnt, kent de streek de schrik.
又東南三百二十里,曰孟門之山,其上多蒼玉,多金,其下多黃堊,多涅石。
Driehonderdtwintig li zuidoostelijker ligt berg Mengmen (孟門). Zijn top is rijk aan donkergroene jade en goud, zijn voet aan gele krijt en zwarte aluin.
又東南三百二十里,曰平山。平水出于其上,潛于其下,是多美玉。
Driehonderdtwintig li zuidoostelijker ligt berg Ping (平山). De Ping-rivier (平水) ontspringt aan zijn top en verzinkt aan zijn voet; zij is rijk aan schone jade.
又東三百里,曰京山,有美玉,多漆木,多竹,其陽有赤銅,其陰有玄䃤。高水出焉,南流注于河。
Driehonderd li oostelijker ligt berg Jing (京山), waar schone jade is; hij is rijk aan lakbomen en bamboe; zijn zuidhelling bevat rood koper, zijn noordhelling zwarte steen (xuanpei 玄䃤). De Gao-rivier (高水) ontspringt eraan en stroomt zuidwaarts om in de Rivier uit te monden.
又東二百里,曰虫尾之山,其上多金玉,其下多竹,多青碧。丹水出焉,南流注于河。薄水出焉,而東南流注于黃澤。
Tweehonderd li oostelijker ligt berg Chongwei (虫尾). Zijn top is rijk aan goud en jade, zijn voet aan bamboe en groene jaspis. De Dan-rivier (丹水) ontspringt eraan en stroomt zuidwaarts om in de Rivier uit te monden. De Bo-rivier (薄水) ontspringt eraan en stroomt zuidoostwaarts om in het moeras Huang (黃澤) uit te monden.
又東三百里,曰彭毗之山,其上無草木,多金玉,其下多水。蚤林之水出焉,東南流注于河。肥水出焉,而南流注于床水,其中多肥遺之蛇。
Driehonderd li oostelijker ligt berg Pengbi (彭毗). Zijn top is zonder gras en bomen, rijk aan goud en jade; zijn voet is rijk aan wateren. De Zaolin-rivier (蚤林水) ontspringt eraan en stroomt zuidoostwaarts om in de Rivier uit te monden. De Fei-rivier (肥水) ontspringt eraan en stroomt zuidwaarts om in de Chuang (床水) uit te monden; zij is rijk aan feiyi-slangen (肥遺).
又東百八十里,曰小侯之山。明漳之水出焉,南流注于黃澤。有鳥,其狀如烏而白文,名曰鴣𪄶,食之不灂。
Honderdtachtig li oostelijker ligt berg Xiaohou (小侯). De Mingzhang-rivier (明漳水) ontspringt eraan en stroomt zuidwaarts om in het moeras Huang uit te monden. Daar leeft een vogel gelijkend op de raaf maar met witte tekeningen, genaamd guhu (鴣𪄶); wie ervan eet, heeft geen troebel zicht.
又東三百七十里,曰泰頭之山,共水出焉,南注于虖池。其上多金玉,其下多竹箭。
Driehonderdzeventig li oostelijker ligt berg Taitou (泰頭). De Gong-rivier (共水) ontspringt eraan en stroomt zuidwaarts om in de Huchi (虖池) uit te monden. Zijn top is rijk aan goud en jade, zijn voet aan pijlbamboe.
又東北二百里,曰軒轅之山,其上多銅,其下多竹。有鳥焉,其狀如梟而白首,其名曰黃鳥,其鳴自詨,食之不妬。
Tweehonderd li noordoostelijker ligt berg Xuanyuan (軒轅). Zijn top is rijk aan koper, zijn voet aan bamboe. Daar leeft een vogel gelijkend op de oehoe maar met witte kop, genaamd huangniao (黃鳥); zijn kreet noemt zijn eigen naam; wie ervan eet, kent geen afgunst.
又北二百里,曰謁戾之山,其上多松柏,有金玉。沁水出焉,南流注于河。其東有林焉,名曰丹林。丹林之水出焉,南流注于河。嬰侯之水出焉,北流注于氾水。
Tweehonderd li noordelijker ligt berg Yeli (謁戾). Zijn top is rijk aan dennen en cipressen, en bevat goud en jade. De Qin-rivier (沁水) ontspringt eraan en stroomt zuidwaarts om in de Rivier uit te monden. Naar het oosten strekt zich een woud uit genaamd Danlin (丹林). De Danlin-rivier (丹林水) ontspringt eraan en stroomt zuidwaarts om in de Rivier uit te monden. De Yinghou-rivier (嬰侯水) ontspringt eraan en stroomt noordwaarts om in de Fan (氾水) uit te monden.
東三百里,曰沮洳之山,無草木,有金玉。濝水出焉,南流注于河。
Driehonderd li oostwaarts ligt berg Juru (沮洳), zonder gras en bomen, goud en jade bevattend. De Ji-rivier (濝水) ontspringt eraan en stroomt zuidwaarts om in de Rivier uit te monden.
又北三百里,曰神囷之山,其上有文石,其下有白蛇,有飛蟲。黃水出焉,而東流注于洹。滏水出焉,而東流注于歐水。
Driehonderd li noordelijker ligt berg Shenqun (神囷). Zijn top bevat gevlekte stenen, zijn voet witte slangen en vliegende insecten. De Huang-rivier (黃水) ontspringt eraan en stroomt oostwaarts om in de Huan (洹) uit te monden. De Fu-rivier (滏水) ontspringt eraan en stroomt oostwaarts om in de Ou (歐水) uit te monden.
又北二百里,曰發鳩之山,其上多柘木。有鳥焉,其狀如烏,文首、白喙、赤足,名曰精衛,其鳴自詨。是炎帝之少女,名曰女娃,女娃遊于東海,溺而不返,故為精衛,常銜西山之木石,以堙于東海。漳水出焉,東流注于河。
Tweehonderd li noordelijker ligt berg Fajiu (發鳩). Zijn top is rijk aan verversmoerbeien (zhe 柘). Daar leeft een vogel gelijkend op de raaf, met gevlekte kop, witte snavel en rode poten, genaamd jingwei (精衛); zijn kreet noemt zijn eigen naam. Zij was de jongste dochter van keizer Yan (Yandi), genaamd Nüwa: wandelend over de oostelijke zee verdronk zij daar zonder terugkeer, en werd de vogel jingwei. Onophoudelijk draagt zij in haar snavel hout en stenen van de westelijke bergen om de oostelijke zee te dempen. De Zhang-rivier (漳水) ontspringt eraan en stroomt oostwaarts om in de Rivier uit te monden.
又東北百二十里,曰少山,其上有金玉,其下有銅。清漳之水出焉,東流于濁漳之水。
Honderdtwintig li noordoostelijker ligt berg Shao (少山). Zijn top bevat goud en jade, zijn voet koper. De Qingzhang-rivier (清漳水) ontspringt eraan en stroomt oostwaarts om in de Zhuozhang (濁漳水) uit te monden.
又東北二百里,曰錫山,其上多玉,其下有砥。牛首之水出焉,而東流注于滏水。
Tweehonderd li noordoostelijker ligt berg Xi (錫山). Zijn top is rijk aan jade, zijn voet bevat slijpsteen (di 砥). De Niushou-rivier (牛首水) ontspringt eraan en stroomt oostwaarts om in de Fu (滏水) uit te monden.
又北二百里,曰景山,有美玉。景水出焉,東南流注于海澤。
Tweehonderd li noordelijker ligt berg Jing (景山), waar schone jade is. De Jing-rivier (景水) ontspringt eraan en stroomt zuidoostwaarts om in het moeras Hai (海澤) uit te monden.
又北百里,曰題首之山,有玉焉,多石無水。
Honderd li noordelijker ligt berg Tishou (題首); daar is jade, veel stenen en geen water.
又北百里,曰繡山,其上有玉、青碧,其木多栒,其草多芍藥、芎窮。洧水出焉,而東流注于河。其中有鱯、黽。
Honderd li noordelijker ligt berg Xiu (繡山). Zijn top bevat jade en groene jaspis; zijn bomen vooral xun (栒), zijn kruiden vooral pioen (shaoyao 芍藥) en lavas (xiongqiong 芎窮). De Wei-rivier (洧水) ontspringt eraan en stroomt oostwaarts om in de Rivier uit te monden; zij is rijk aan hu-vissen (鱯) en meng-kikkers (黽).
又北百二十里,曰松山。陽水出焉,東北流注于河。
Honderdtwintig li noordelijker ligt berg Song (松山). De Yang-rivier (陽水) ontspringt eraan en stroomt noordoostwaarts om in de Rivier uit te monden.
又北百二十里,曰敦與之山,其上無草木,有金玉。溹水出于其陽,而東流注于泰陸之水。泜水出于其陰,而東流注于彭水。槐水出焉,而東流注于泜澤。
Honderdtwintig li noordelijker ligt berg Dunyu (敦與). Zijn top is zonder gras en bomen, goud en jade bevattend. De Suo-rivier (溹水) ontspringt aan zijn zuidhelling en stroomt oostwaarts om in de Tailu (泰陸水) uit te monden. De Zhi-rivier (泜水) ontspringt aan zijn noordhelling en stroomt oostwaarts om in de Peng (彭水) uit te monden. De Huai-rivier (槐水) ontspringt eraan en stroomt oostwaarts om in het moeras Zhi (泜澤) uit te monden.
又北百七十里,曰柘山,其陽有金玉,其陰有鐵。歷聚之水出焉,而北流注于洧水。
Honderdzeventig li noordelijker ligt berg Zhe (柘山). Zijn zuidhelling bevat goud en jade, zijn noordhelling ijzer. De Liju-rivier (歷聚水) ontspringt eraan en stroomt noordwaarts om in de Wei (洧水) uit te monden.
又北三百里,曰維龍之山,其上有碧玉,其陽有金,其陰有鐵。肥水出焉,而東流注于皋澤,其中多礨石。敞鐵之水出焉,而北流注于大澤。
Driehonderd li noordelijker ligt berg Weilong (維龍). Zijn top bevat blauwe jade (biyu 碧玉), zijn zuidhelling goud, zijn noordhelling ijzer. De Fei-rivier (肥水) ontspringt eraan en stroomt oostwaarts om in het moeras Gao (皋澤) uit te monden; zij is rijk aan lei-stenen (礨石). De Changtie-rivier (敞鐵水) ontspringt eraan en stroomt noordwaarts om in het grote moeras (Daze 大澤) uit te monden.
又北百八十里,曰白馬之山,其陽多石玉,其陰多鐵,多赤銅。木馬之水出焉,而東北流注于虖沱。
Honderdtachtig li noordelijker ligt berg Baima (白馬). Zijn zuidhelling is rijk aan jadesteen (shiyu 石玉), zijn noordhelling aan ijzer en rood koper. De Muma-rivier (木馬水) ontspringt eraan en stroomt noordoostwaarts om in de Hutuo (虖沱) uit te monden.
又北二百里,曰空桑之山,無草木,冬夏有雪。空桑之水出焉,東流注于虖沱。
Tweehonderd li noordelijker ligt berg Kongsang (空桑), zonder gras en bomen, winter en zomer besneeuwd. De Kongsang-rivier (空桑水) ontspringt eraan en stroomt oostwaarts om in de Hutuo uit te monden.
又北三百里,曰泰戲之山,無草木,多金玉。有獸焉,其狀如羊,一角一目,目在耳後,其名曰䍶䍶,其鳴自䚯。虖沱之水出焉,而東流注于漊水。液女之水出于其陽,南流注于沁水。
Driehonderd li noordelijker ligt berg Taixi (泰戲), zonder gras en bomen, rijk aan goud en jade. Daar leeft een beest gelijkend op het schaap, met één horen en één oog, het oog achter het oor geplaatst, genaamd shushu (䍶䍶); zijn kreet noemt zijn eigen naam. De Hutuo-rivier (虖沱水) ontspringt eraan en stroomt oostwaarts om in de Lou (漊水) uit te monden. De Yinü-rivier (液女水) ontspringt aan zijn zuidhelling en stroomt zuidwaarts om in de Qin (沁水) uit te monden.
又北三百里,曰石山,多藏金玉。濩濩之水出焉,而東流注于虖沱。鮮于之水出焉,而南流注于虖沱。
Driehonderd li noordelijker ligt berg Shi (石山), veel goud en jade bevattend. De Huohuo-rivier (濩濩水) ontspringt eraan en stroomt oostwaarts om in de Hutuo uit te monden. De Xianyu-rivier (鮮于水) ontspringt eraan en stroomt zuidwaarts om in de Hutuo uit te monden.
又北二百里,曰童戎之山。皋涂之水出焉,而東流注于漊液水。
Tweehonderd li noordelijker ligt berg Tongrong (童戎). De Gaotu-rivier (皋涂水) ontspringt eraan en stroomt oostwaarts om in de Louye (漊液水) uit te monden.
又北三百里,曰高是之山。滋水出焉,而南流注于虖沱,其木多椶,其草多條。滱水出焉,東流注于河。
Driehonderd li noordelijker ligt berg Gaoshi (高是). De Zi-rivier (滋水) ontspringt eraan en stroomt zuidwaarts om in de Hutuo uit te monden; zijn bomen vooral palmen, zijn kruiden vooral tiao (條). De Kou-rivier (滱水) ontspringt eraan en stroomt oostwaarts om in de Rivier uit te monden.
又北三百里,曰陸山,多美玉。𨜰水出焉,而東流注于河。
Driehonderd li noordelijker ligt berg Lu (陸山), rijk aan schone jade. De Ji-rivier (𨜰水) ontspringt eraan en stroomt oostwaarts om in de Rivier uit te monden.
又北二百里,曰沂山。般水出焉,而東流注于河。
Tweehonderd li noordelijker ligt berg Yi (沂山). De Ban-rivier (般水) ontspringt eraan en stroomt oostwaarts om in de Rivier uit te monden.
北百二十里,曰燕山,多嬰石。燕水出焉,東流注于河。
Honderdtwintig li noordwaarts ligt berg Yan (燕山), rijk aan ying-stenen (嬰石). De Yan-rivier (燕水) ontspringt eraan en stroomt oostwaarts om in de Rivier uit te monden.
又北山行五百里,水行五百里,至于饒山。是無草木,多瑤碧,其獸多橐駝,其鳥多鶹。歷虢之水出焉,而東流注于河。其中有師魚,食之殺人。
Vijfhonderd li noordelijker langs bergweg, dan vijfhonderd li over water, bereikt men berg Rao (饒山), zonder gras en bomen, rijk aan yao-jade (瑤) en jaspis; zijn beesten vooral kamelen, zijn vogels vooral liu-uilen (鶹). De Liguo-rivier (歷虢水) ontspringt eraan en stroomt oostwaarts om in de Rivier uit te monden. Daar leeft de shi-vis (師魚), wier vlees doodt wie ervan eet.
又北四百里,曰乾山,無草木,其陽有金玉,其陰有鐵而無水。有獸焉,其狀如牛而三足,其名曰獂,其鳴自詨。
Vierhonderd li noordelijker ligt berg Qian (乾山), zonder gras en bomen; zijn zuidhelling bevat goud en jade, zijn noordhelling ijzer, maar hij is zonder water. Daar leeft een beest gelijkend op de os maar met drie poten, genaamd huan (獂); zijn kreet noemt zijn eigen naam.
又北五百里,曰倫山。倫水出焉,而東流注于河。有獸焉,其狀如麋,其川在尾上,其名曰羆。
Vijfhonderd li noordelijker ligt berg Lun (倫山). De Lun-rivier (倫水) ontspringt eraan en stroomt oostwaarts om in de Rivier uit te monden. Daar leeft een beest gelijkend op het davidshert, wiens opening zich aan de staart bevindt, genaamd pi (羆).
又北五百里,曰碣石之山。繩水出焉,而東流注于河,其中多蒲夷之魚。其上有玉,其下多青碧。
Vijfhonderd li noordelijker ligt berg Jieshi (碣石). De Sheng-rivier (繩水) ontspringt eraan en stroomt oostwaarts om in de Rivier uit te monden; zij is rijk aan puyi-vissen (蒲夷). Zijn top bevat jade, zijn voet is rijk aan groene jaspis.
又北水行五百里,至于鴈門之山,無草木。
Vijfhonderd li noordelijker over water bereikt men berg Yanmen (鴈門), zonder gras en bomen.
又北水行四百里,至于泰澤。其中有山焉,曰帝都之山,廣員百里,無草木,有玉金。
Vierhonderd li noordelijker over water bereikt men het moeras Tai (泰澤). In zijn midden verrijst een berg genaamd berg Ditu (帝都), honderd li in omtrek, zonder gras en bomen, jade en goud bevattend.
又北五百里,曰錞于毋逢之山,北望雞號之山,其風如䬅;西望幽都之山,浴水出焉。是有大蛇,赤首白身,其音如牛,見則其邑大旱。
Vijfhonderd li noordelijker ligt berg Chunyu-Wufeng (錞于毋逢). Naar het noorden kijkt hij naar berg Jihao (雞號), wiens wind in storm waait; naar het westen naar berg Youdu (幽都), vanwaar de Yu-rivier (浴水) ontspringt. Daar leeft een grote slang met rode kop en wit lijf, wiens kreet als die van de os is; wanneer zij verschijnt, kent de streek een grote droogte.
凡《北次三經》之首,自太行之山以至于無逢之山,凡四十六山,萬二千三百五十里。其神狀皆馬身而人面者廿神。其祠之,皆用一藻茝瘞之。其十四神,狀皆彘身而載玉。其祠之,皆玉,不瘞。其十神,狀皆彘身而八足,蛇尾。其祠之,皆用一璧瘞之。大凡四十四神,皆用稌糈米祠之,此皆不火食。
Alles bijeen, van berg Taihang tot berg Wufeng, telt de Derde Noordelijke Klassieker zesenveertig bergen, over twaalfduizend driehonderdvijftig li. Twintig van hun goden hebben een paardenlijf en een mensengezicht; voor hun cultus begraaft men voor elk een geurig zaochai-gras (藻茝). Veertien goden hebben een varkenslijf en dragen jade; voor hun cultus gebruikt men jade, zonder die te begraven. Tien goden hebben een varkenslijf met acht poten en een slangenstaart; voor hun cultus begraaft men voor elk een jadeschijf (bi 璧). Alles bijeen worden de vierenveertig goden geëerd met kleefrijst (tu 稌) als heilig graan; allen eten zonder vuur.
Algemene samenvatting van de Noordelijke Klassieker
右北經之山志,凡八十七山,二萬三千二百三十里。
Zo luidt het register van de bergen van de Noordelijke Klassieker: zij tellen alles bijeen zevenentachtig bergen, over drieëntwintigduizend tweehonderddertig li.
Aantekeningen
Opbouw van het hoofdstuk. De 北山经 omvat drie opeenvolgende «klassiekers»: de eerste (vijfentwintig bergen), de Tweede (zeventien bergen) en de Derde (zesenveertig bergen), dat wil zeggen zevenentachtig bergen in totaal en 23 230 li. Elke sectie sluit af met een colofon dat het aantal bergen, de afstand, de gedaante van de goden en de offerrite vermeldt.
De mythe van Jingwei (精衛). Bij berg Fajiu verhaalt de tekst een van de beroemdste mythen van China: Nüwa, jongste dochter van keizer Yan, verdronken in de oostelijke zee, verandert in de vogel jingwei en spant zich in om de zee te dempen door er onophoudelijk hout en stenen in te werpen — een spreekwoordelijk beeld van koppige volharding.
Zuidhelling / noordhelling (其阳 / 其阴). 阳 (yáng) = de zonnige helling (zuid); 阴 (yīn) = de schaduwrijke helling (noord).
Terugkerende formules. «Wie ervan eet…» (食之) en «wie het draagt / nuttigt…» leiden magische of geneeskrachtige werkingen in; «wanneer het verschijnt…» (见则) markeert voorteken-wezens (droogte 旱, grote wind 大风, schrik 恐); «zijn kreet noemt zijn eigen naam» (其鸣自呼 / 自詨) duidt een dier aan wiens kreet zijn naam nabootst. Verscheidene colofons vermelden dat de bewoners «rauw eten, zonder vuur» (不火食).
Onzekere identificaties. Vele namen van planten, mineralen en wezens hebben geen zekere tegenhanger; ze worden in pinyin met de karakters getranscribeerd, waarbij de Nederlandse weergaven de traditionele glossen volgen (Guo Pu, Hao Yixing).
Chinese tekst volgens het Chinese Text Project (ctext.org). Vertaling en aantekeningen: Chine-culture.com.


