Chinees leren: woordenschat van les 7
Om te oefenen de woordenschat schriftelijk te onthouden, maakt u een lijst van de woorden in alleen Chinese karakters en probeert u daarna het pinyin en het Nederlands terug te vinden. Herhaal dit tot u geen fouten meer maakt. Doe daarna dezelfde oefening in omgekeerde richting: schrijf de lijst in het Nederlands en zoek de karakters en het pinyin erbij.
东西 : ding, voorwerp
手机 : mobiele telefoon
书 : boek
衣服 : kleding, kledingstuk
这 : deze, dit
这个 : deze (hier)
这儿 : hier
这些 : deze (dichtbij, meervoud)
那 : die, dat (veraf)
那个 : die (daar)
那儿 : daar
那些 : die (veraf, meervoud)
哪个 : welke?
哪些 : welke (meervoud)?
有的 : sommige (uit een al bekende groep)
有些 : enkele, sommige (er zijn…)
本 : maatwoord voor boeken
件 : maatwoord voor kledingstukken en zaken
些 : enkele (altijd in combinatie)
一些 : enkele, een beetje
还 : nog, bovendien


